We zaten aan tafel, schuin naast elkaar. Manon was nerveus, ze wist niet goed wat ze moest verwachten.

Ik stelde haar op haar gemak en begon wat open vragen te stellen. Al snel kwam er frustratie naar boven. Ze was nu 2 jaar gescheiden van haar (nu) ex-man en ze hebben samen twee tiener dochters. Het was haar keuze geweest om te gaan scheiden. Ze voelt al een tijd dat zij na de breuk allerlei dingen heeft gegeven en gedaan die ze eigenlijk niet wilde, voortvloeiend uit een soort schuldgevoel.

De verstandhouding met haar ex-man was nu slechter dan het ooit geweest was. Ze communiceren eigenlijk alleen nog maar over de e-mail omdat het anders steevast uitmondt in ruzie.

Wil je voor mij jouw familie opstellen hier op tafel vroeg ik? Ik gaf haar de poppetjes aan. Ze lachte een beetje ongemakkelijk, “Oh en nu moet ik dat dan zo neerzetten? Dat is een beetje gek.” Ik leg haar uit dat alles vanzelf op zijn plek valt, dat ze mag vertrouwen op het veld wat automatisch ontstaat en op haar intuïtie die haarfijn aangeeft wat er mag gebeuren. Ze ademt diep in en zet iedereen binnen enkele seconden neer. “Mag ik er nog een poppetje bij? Er mist nog iemand hier.”

Als alles staat kijkt ze naar haar familie. Haar systeem, zoals dit nu voor haar is.

Hoe voelt het, als je dit zo ziet? Vraag ik. “Ja, zo is het”, zegt ze beslist. Ze begint te vertellen; “mijn dochters hier vlakbij mij, naast elkaar, ze hebben heel veel aan elkaar gelukkig in deze tijd. Mijn ex-man hier, met zijn nieuwe vriendin, mijn vriend hier, mijn eigen ouders hier.” Ik vraag haar naar wat details, waarom staan ze zo. Mist er iemand? Hoe kijken ze? Hoe voelt het? We praten nog wat door over de opstelling en de onderlinge verhoudingen. Ze wordt verdrietig van wat ze ziet.

Op een gegeven moment vraag ik haar of er iets is wat ze graag zou willen veranderen als ze zo kijkt naar wat ze heeft neergezet. “Ja”, zegt ze direct. “Mag ik wat schuiven met de poppetjes?” Zeker, glimlach ik terug. Het is helemaal jouw opstelling.

Ze begint te schuiven met haar dochters en haar ex-man en zijn vriendin. Alles wat dichterbij elkaar. Haar ex-man kijkt nu verdeeld naar zijn vriendin en naar hun kinderen. De vriendin staat naast hem en Manon staat aan de andere kant. Haar nieuwe vriend schuin naast haar, nog een beetje op afstand maar wel wat dichterbij . Hun dochters voor hen, precies in het midden. Ze lacht, “ja dit.” Ik vraag haar wat er gebeurt en ze begint te vertellen hoe ze de situatie het liefst zou zien. Hoe er onderling met elkaar wordt omgegaan. Hoe zij zich voelt en hoe haar dochters zich voelen in die nieuwe situatie. Hoe zij en haar ex-man met elkaar omgaan. Ze krijgt tranen in haar ogen. “Ja dit.” Zegt ze nogmaals.

We praten er nog even over door en daarna vraag ik haar wat zij nu kan doen, om de situatie te creëren zoals hij nu staat? Welke eerste beweging kan zij maken?

“Ik moet met mijn ex gaan praten.” Ze is in gedachten verzonken en staart naar de poppetjes. “Ik houd dit zelf in stand”, zegt ze. Ze klinkt verbijsterd. “Dit heb ik helemaal niet door gehad..stamelt ze. Ik dacht echt dat het vanuit hem kwam, vanuit mijn ex. Dat het zijn schuld is hoe het nu is.” Ze blijft een tijdje kijken naar de poppetjes.

Op een gegeven moment onderbreek ik haar gedachten. Wat wil je van jouw ex-man?

In eerste instantie zegt ze “geld” en ze vertelt over de alimentatie discussie die al een tijd aan de gang is. Ik vraag haar of als ze straks dat geld heeft en hij betaalt haar precies wat zij van hem wilt, of het dan goed is voor haar?  Ze is lang stil. Dan begint ze hard te huilen. “Nee”, zegt ze. “Het gaat me niet om dat geld. Ik wil gewoon dat hij me respecteert als moeder.”

Oké en waaruit maak je nu op dat hij je niet respecteert als moeder?  

En hoe ziet dat respect er uit voor jou?

We praten verder. De tranen blijven stromen. “Ik voel me eigenlijk heel vaak niet gerespecteerd”, snikt ze. “Ik voel alsof ik al heel mijn leven over me heen laat lopen, iedereen probeer te pleasen. En dan ineens ben ik het zat en dan ga ik met mijn hakken in het zand. Dan is het klaar. Ik doe dat ook bij mijn dochters en mijn moeder deed precies hetzelfde bij mij en dat vond ik altijd verschrikkelijk. Ik doe mensen echt pijn dan en het schiet niks op.. Maar op dat moment voelt het wel goed.” Een lach breekt door.

Is dat wat er nu gebeurt met je ex vraag ik? “Ja.” Zegt ze. “Als ik dit geld laat gaan dan ben ik helemaal zwak. Laat ik weer over me heenlopen.”

Zou er ook een andere manier kunnen zijn om je grenzen aan te geven, die goed voelt voor jou? vraag ik.

Weer is ze een tijdje stil. Rolt met een poppetje in haar handen.. na een tijdje zie ik dat er kleur komt op haar wangen en een vastberadenheid in haar ogen. “Ja!    Ik ga met mijn ex praten en aangeven waar ik behoefte aan heb. Ik ga aangeven dat ik wil dat hij onze dochters meer betrekt bij zijn voorgenomen huwelijk. Ik wil hem vertellen dat het me pijn doet te zien dat hij ze zo weinig betrekt. Ik wil hem vertellen dat ik graag meer contact wil. Echt contact, praten over de meiden, hoe het gaat, wat er gebeurt in hun leven, hun struggles. Ik wil graag op alle vlakken beter aangeven wat ik voel en wat ik wil, voordat ik explodeer. Voordat ik blokkeer.. en ik weet ook wat ik wil doen met de alimentatie discussie.”

We staan op en drinken even wat. “Pfffoe” lacht ze en ze veegt nog wat tranen weg. “Ik had nooit verwacht dat dit is wat erachter zit. Ik ben echt heel erg verrast en ik weet nu echt wat me te doen staat.”

Later pakt ze mijn handen beet “Dankjewel. Ik heb echt het gevoel alsof ik mezelf beter heb leren kennen op een manier.. dat ik hetzelfde gedrag doe als mijn moeder.. en dat dat dan op deze manier nu in mijn leven is.. poeh.. ik ben er ondersteboven van. Ik weet nu wat me te doen staat en dat voelt fijn.”

Binnen één uur tijd heeft Manon veel inzicht gekregen in haar situatie en is er veel verschoven in haar. Naar aanleiding van deze sessie wil zij in vervolgsessies verschillende van deze onderwerpen verder uitdiepen, de dynamiek met haar kinderen, haar moeder en het please gedrag. Die intentie is prima, echter kijken we wel altijd op het moment zelf wat zich aandient. Wat er naar boven komt is namelijk altijd hetgeen wat op dat moment bekeken wil worden.

*Manon is niet haar echte naam, deze is veranderd om de privacy van de cliënt te waarborgen.

#systemischcoachen #familieopstellingen #bewustzijn #coach #persoonlijkeontwikkeling

Space Holding

Wat is space holding of space holder?
Waarom is het belangrijk om er eentje te zijn en waarom is het (zeker in groepen), zo moeilijk om dit te belichamen?
Ik zie dat zelfs (misschien wel juist), de meest ervaren coach, therapeut of groepsbegeleider dit moeilijk vindt.

Aan het einde van deze blog weet je de 3 belangrijkste redenen waarom het je nu niet altijd lukt om ruimte te houden die space holder te zijn die je wilt zijn. Je leest hoe hoe we eigenlijk zijn geprogrammeerd om het tegenovergestelde te doen en ik bied je inzichten aan om hierin te ontwikkelen.

Een tijdje terug nam ik deel aan een verdiepingsopleiding voor systemisch coachen en daar vroeg één van de deelnemers wat er wordt bedoeld met ‘holding space’ of ‘space holder’. Dit was meerdere keren teruggekomen in de opleiding en nu wilde ze toch graag wat meer uitleg over dit begrip. Al snel werd duidelijk dat meer mensen niet wisten wat ermee werd bedoeld en toen ik kortgeleden twee situaties meemaakte waarin er voor mij héél duidelijk werd hoe belangrijk ‘space holding’ is, besloot ik er een stukje over te schrijven.

Chat GPT omschrijft ‘holding space’ als een term die wordt gebruikt om een ondersteunende en veilige omgeving te creëren waarin iemand zijn of haar emoties, ervaringen en gedachten kan delen. Het betekent dat je met volledige aandacht en zonder oordeel luistert naar de persoon. Je zou het kunnen vertalen als “ruimte bieden” of “een veilige ruimte creëren”. Het verwijst naar het actief aanwezig zijn voor iemand, zowel fysiek als emotioneel, om hen te ondersteunen in hun proces van expressie en groei.

Toen ik aangaf wat ‘holding space’ voor mij persoonlijk betekent omschreef ik het als een soort doorzichtige glazen kubus die ik om mij en mijn gesprekspartner, cliënt of groep heen zet
ik ben nogal visueel ingesteld ;-).

Binnen deze kubus is het veilig en ‘stil’. Niet letterlijk want één of meerdere mensen zijn aan het woord, maar ik zorg dat ik in een ‘zijnstoestand’ ben. Ik ben volledig aanwezig met mijn aandacht en focus in het hier en nu, bij de mensen in de kubus en met het center stevig in mijzelf verankert ongeveer 60/40 (ga je teveel met je focus -en dus energie- naar de ander dan merk je direct dat je niet meer die neutrale, stevige, spaceholder bent).

Niemand hoeft in deze space iets te bereiken, niemand wordt veroordeeld en niks is gek. Alles wat er is in deze kubus, alles wat er op komt, gebeurt of loskomt is welkom. Ik hoef alleen maar te ‘zijn’ en soms bij te sturen door een verdiepende vraag te stellen of iemand terug te leiden naar de kern als het ego aangaat en de persoon meegaat in één van die ‘verhalen’.
De rest gebeurt eigenlijk vanzelf.

Dit klinkt heel simpel maar dit is iets waar ik bijna 10 jaar voor nodig heb gehad om echt onder de knie te krijgen om te belichamen tijdens intensieve coachsessies of in groepen. Vooral mijn energie en focus gedurende de hele tijd bij mezelf houden was echt een uitdaging. Ik ben nu op een punt dat ik het fantastisch zou vinden om in elke interactie, met vreemden, vrienden, collega’s en familie in deze staat van ‘holding space’ staat te zijn. Dat lukt me nu zeker nog niet altijd, dus dat is een mooi doel.

Maar waarom is het zo moeilijk om een space holder te zijn?

Onze natuurlijke staat van ZIJN is 100% space holding. Als je in een zijnstaat bent ben je volledig aanwezig in het hier en nu. Oordeelloos, het is stil, kalm, er zijn gedachten maar je laat ze voorbij drijven als wolken en je bent niet gefocust op een bepaalde uitkomst. Alles is goed precies zoals het is. Alles is welkom.

En laat dát nou juist de grootste uitdaging zijn voor ons als mensen en zéker voor managers, coaches en therapeuten.

Want als mens willen we graag iets beréiken en zeker managers, coachen of therapeuten. De intentie van vrijwel iedereen die ik ken, is om mensen een neutrale en veilige omgeving te bieden voor groei en ontwikkeling. Toch zie ik in de praktijk vaak het tegenovergestelde gebeuren.


Waarom is het zo moeilijk om die space te houden?

1: We zijn gefocust op een bepaalde uitkomst
We willen dingen ‘oplossen’. We willen dat onze gesprekspartner zich ‘beter’ voelt. We zien de blokkades van de ander, vaak helderder dan die van onszelf. We zien vaak ook waar de pijn vandaan komt bij die ander en voelen het potentieel wat er ligt aan de andere kant van die pijn. We willen onze collega, vriend, vriendin, ouder, kind of cliënt ‘helpen’ om zo snel mogelijk door deze blokkades heen te werken. We hebben daardoor een gehechtheid aan een bepaalde uitkomst. Want deze persoon zou zich in onze ogen eigenlijk ‘niet zo moeten voelen’.

Het is een fundamenteel onderdeel van ons mensbrein om pijn te vermijden. We willen anderen (en onszelf) heel snel beter laten voelen. We vechten vaak tegen de realiteit dat we ons voelen zoals we ons voelen en we doen er alles aan om dit te veranderen.
We kunnen niet goed bij het ongemak blijven wat nare emoties en gevoelens bij ons oproepen. Zeker gevoelens als angst en machteloosheid proberen we kosten wat kost te vermijden. Ook de angst om tekort te schieten, de ander teleur te stellen, niet genoeg te bieden of niet goed genoeg te zijn, speelt bij de meeste mensen een grote rol.

Als space holder wil je in de basis niemand ‘helpen’. Je vertrouwt erop dat iedereen die bij jou komt, alle kwaliteiten in huis heeft om zichzelf te helpen. Jij kunt er zijn door jouw warme aanwezigheid, luisterend oor, misschien door het geven van een knuffel of je stelt verhelderende vragen. Maar ook als je niets kunt veranderen aan de situatie of iemand zijn gevoel, kun je dat accepteren. Dan kun je zijn met het gevoel van onzekerheid wat wellicht in jouzelf naar boven komt, als je gesprekspartner zich niet beter voelt na jullie contact. Dan vertrouw je dat het goed is zoals het is, en dat is niet het meest makkelijke in mijn ervaring.

2: We kleuren onbewust in hoe de ander dingen ervaart. 
De situatie die ik recentelijk meemaakte was tijdens een verdiepingstraining systemisch werk.
Toen vertelde ik een verhaal over een situatie die me veel pijn heeft gedaan in het verleden en dat ik trots en blij ben dat ik me daaruit ‘los’ heb weten te maken. Dat ik volledig in liefde en acceptatie los had kunnen laten en dat ik niets meer verlang van de situatie. De coach in kwestie reageerde vervolgens door te zeggen “Ja en je weet ook nooit wat de toekomst brengt, misschien gebeurt er wel XYZ (een scenario schetsend)”.  Het kwam absoluut vanuit de beste intentie, toch sloeg het voor mij compleet de plank mis. Ik had juist aangegeven heel tevreden te zijn over hoe de situatie nu is en dat de situatie voor mij is afgesloten.  Dat hij het op die manier weer probeerde te openen, alsof hoe het nu niet goed is en ik toch liever een andere uitkomst zou willen klopte niet. Het waren aannames geweest, ingekleurd vanuit zijn eigen perspectief en niet afgestemd op waar ik op dat moment mee bezig was.  Het haalde me volledig uit mijn proces op dat moment.

Dit herinnerde mij eraan hoe vaak we als mensen zijn geneigd zaken in te kleuren voor een ander. Iemand heeft geen relatie en we voelen een soort medelijden, terwijl die persoon misschien enorm gelukkig is om zich (even) alleen op zichzelf te kunnen focussen. Iemand overlijdt en we vinden dit het meest dramatische wat er is op aarde en gaan volledig in de medelijden modus. We pikken niet op dat onze gesprekspartner misschien weliswaar verdrietig is, maar vooral veel vrede, rust en acceptatie voelt. Vaak als iemand verdrietig is gaan we iemand troosten door ‘geruststellende’ woorden te zeggen of gaan het gevoel bagatelliseren. Het gevoel mag er eigenlijk niet zijn omdat wij hier zelf ongemakkelijk van worden.

3: We worden getriggerd in ons gevoel van niet gezien en niet gehoord worden.
Dit sluit deels aan op wat ik benoemde in punt 1. Je ego wil ‘belangrijk’ zijn, wil resultaat zien en hecht waarde aan een bepaalde uitkomst. Als space holder betekent het vaak dat je niets tot weinig zegt. Je bent volledig aanwezig maar je staat niet in het middelpunt. Dit kan allerlei gevoelens in ons naar boven halen. Want ‘wat ik wil zeggen is echt heel relevant en ik wil die persoon helpen.’ ‘Als ik niks doe of zeg kan ik er net zo goed niet bij zijn.’, ‘ik weet wat die persoon moet doen om zich beter te voelen’, of ‘wat denken de ander(en) van mij als ik de hele tijd weinig/niks zeg of doe?’ en ‘Wie ziet mij dan?’.

Ons ego wil altijd in de actiemodus en heeft als standaard programma draaien dat het je verteld dat je méér moet doen en dat als je niks doet, er ook niks gebeurt en je ook zéker je doelen niet gaat bereiken. Dat wil niet zeggen dat je als space holder nooit iets zegt of een actie onderneemt, maar het betekent dat als je iets doet dit komt vanuit een hele andere plek. Vanuit een rustige, neutrale -ik-heb-niks-nodig-en-wil-niks-specifieks-bereiken plek. Veel leermeesters noemen dit ‘inspired action’. Zodra het voelt als trekken, duwen, iets willen bereiken, onrust of verwachting is het geen inspired action meer maar actie genomen vanuit het ego.

Dit vraagt om nieuw niveau van bewustZIJN.
Om ondanks onze neiging tot actie, iets helemaal natuurlijk te laten ontvouwen, door pure aanwezigheid en een open, veilige space te creëren. Iets wat in de kern allemaal in ons zit, zoals ik eerder aangaf, en wat eigenlijke onze natuurlijke staat van zijn, is. Maar het vergt vaak heel veel oefening, ervaring en zelfreflectie om dit in het dagelijks leven te kunnen belichamen want je moet eerst door een heleboel ongemak van jezelf heen.

1-1 contact met een persoon die redelijk ver van je afstaat is een goede setting om dit te oefenen. Je voelt in de basis niet veel emotie bij de persoon en zijn/haar verhaal en kunt daardoor volledig focussen op het aanwezig zijn. Het is moeilijker om space te houden als je moe thuiskomt en je kind begint direct te zeuren of voor je moeder of vader die jou triggert door bepaalde gewoontes of een manier van leven. Of wat denk je van die collega in jouw projectgroep die zijn of haar werk op een manier doet waarvan jij vindt dat dat niet goed werkt?  Of hoe houd je space als iemand kritiek heeft op jou?

Ik ben benieuwd wat jij opmerkt als je vandaag bewust space holder bent in een situatie naar keuze.